Bijgelovige Trien
Ooit heb ik mezelf het afkloppen aangeleerd. Dat was nadat we FIP bij onze dieren hadden gekregen. We hadden niet lang daarvoor apparaten geïnstalleerd die de lucht in huis virus- en bacterievrij moest gaan houden. Ik had dit aan onze toenmalige dierenarts verteld en dat ik me met het deze luchtreinigers zoveel veiliger voelde over het welzijn van onze dieren. Een andere verandering toen bij ons in huis was dat we in plaats van avondmaaltijden op vleesbasis voor de dieren overgestapt waren naar droogvoer. De ‘mannen in witte jassen’ hadden me weten te overtuigen dat hun voer zoveel beter was dan wat ik als huisvrouwtje zelf kon samenstellen…

Niet zo lang daarna kwam ik bij diezelfde dierenarts in de hoop dat onze Moni nog te redden zou zijn. Dat weekend waren we al bij een waarnemer geweest en ondanks de medicatie ging het iedere dag slechter met ons vriendje. Helaas, Moni en een paar maanden later ook zijn dochtertje Ceti zijn beiden aan FIP overleden. Dit is al in 1987 gebeurd. In die tijd geloofden we nog dat het FIP-virus besmettelijk was. Later bleek dat dit helemaal niet zo was. Dit is ook wetenschappelijk bewezen. Ieder dier blijkt een eigen variant van het virus te kunnen ontwikkelen en een opzettelijke besmetting veroorzaakt de ziekte niet. De besmettelijkheid kwam echter zeer geloofwaardig over; het gaat immers om een virus? Tot op vandaag zijn er dierenartsen en fokkers die nog steeds geloof hechten aan de besmettelijkheid. Voor mij is het overduidelijk dat de hoofdoorzaak ligt in de voeding in wisselwerking met een stukje aanleg. Onze dieren hadden toen hooguit een paar maanden weinig vlees in hun menu gehad en nadat alles weer was teruggedraaid naar echte vleesmaaltijden bleek dat de FIP-dreiging verleden tijd was. Het duurde wel zo’n tien maanden totdat de FIP-titers weer normaal waren en jaren tot mijn angst ervoor afnam.
Tegenwoordig wordt er amper meer getest op FIP-antistoffen want het werd duidelijk die uitslagen niets zeggend zijn en geen relatie hebben tussen het wel of niet gaan overlijden aan FIP. Sinds die tijd hebben wij gelukkig geen dier meer verloren aan deze ziekte. Dit heb ik natuurlijk wel meteen afgeklopt en dit blijf ik afkloppen. Het is een verschrikking om je dieren zo jong te verliezen. Tegenwoordig zijn er levensreddende behandelingen voor katten die aan FIP lijden. Heel fijn voor die dieren en hun mensen maar ik ben nog steeds niet overtuigd of er in alle gevallen onderscheid wordt gemaakt tussen een dier met een hoge titer en een dier met de voor natte FIP (hoe stel je de diagnose droge FIP?) kenmerkende draden in het buikvocht. Onze Moni had kort voordat hij ziek werd juist een hele lage titer.
Maar waarom dit verhaal over deze vreselijke ziekte en mijn afklopgedoe. Door het totaal onverwachte overlijden van een goede vriend, realiseerde ik me dat ik ooit de dwangmatige gewoonte had ontwikkeld om per se minimaal één hartje als sieraad te dragen voor mijn dappere hartje omdat het al dik zeventien jaar lang zijn best doet om in gehavende vorm, in 2008 is er een flink stuk afgestorven, mij gezond te houden. In dat jaar ging het niet echt goed met mij en had ik regelmatige een pijnlijk kramp waardoor ik dan twintig minuten lang niets kon anders dan blijven staan (in de stad was dat dan etalages bekijken). Wanneer de kramp weg was, ging ik weer verder. Ik had geen idee dat het hartaanvallen waren want ik rookte niet, sportte bijna dagelijks en ik was toen ook niet te zwaar. Wat wel opvallend was, was dat ik sieraden verzamelde met hartjes… Óf die hebben geholpen! 🙂 Daardoor kwam ik op het idee dat er nog wel een paar hartjes bij konden. En beschermengeltjes. Eerst begon ik heel bescheiden met een engeltje met een hartje bij één van onze dieren voor op mijn watch en nu heb ze allemaal inclusief Huibert. Ben ik helemaal compleet. Het robotje van Meta is bijzonder hulpvaardig en komt zelf ook met ideeën zoals een collage met van fotootjes bij elkaar. Die staat dus nu bovenaan deze blog.



Dat ik een fotootje van LeeLoo laatst op mijn horloge had, bleek al effectief: ze heeft op haar laatste show haar ‘toegangsbewijs’ gewonnen voor de komende wereldtentoonstelling. Je weet maar nooit waar zo’n extra hartje bij mijn outfit goed voor is.
HYVES!

Wat leuk, Hyves is nu echt terug. Ik ga dit zo snel mogelijk regelen. Vroeger had natuurlijk ook een Hyves. Voor de contacten met mensen in onze eigen taal. Facebook was vooral voor de contacten met Engelstalige collegafokkers in het buitenland. Maar niets is voor eeuwig al houdt Facebook het wel lang uit. Dat de socials die misleidende advertenties hebben, is storend maar het meest vervelend vind ik dat het missen van de nieuwe berichten van mijn Facebookvrienden door het algoritme. Het grappige is dat wanneer ik Facebook (is dit inmiddels een werkwoord?) op mijn pc dat ik dan wel veel meer Facebookvrienden langs zie komen.
TikTok heb ik maar een weekje op mijn telefoon gehad. De eerste dagen waren de korte filmpjes best grappig maar al heel snel kwam er zoveel ander spul tussendoor dat ik dat zat raakte.

Als ik me nu wil bezighouden met suf scrollen, kan ik me uitleven met de reelvideootjes 😉 Twitter/X stond me al heel snel tegen en onderging hetzelfde lot als TikTok. Sommige andere socials heb ik wel maar die liggen me niet echt. Ik ga nu gauw bij Hyves kijken.
Even later: ik heb me aangemeld. Voor een geleidelijke start wordt er dagelijks een gelimiteerd aantal nieuwe gebruikers toegelaten. Ik wist al dat mijn Hyves (ik heb wel mijn oude gebruiksnaam kunnen vinden) toentertijd niet bewaard was gebleven. Ik had gelukkig nog wel wat foto’s kunnen veiligstellen maar de verhalen zijn verdwenen. In die tijd had ik een fotobewerkingsprogrammaatje en ik kon me nog vaag een zo’n bewerking van onze jongste telg van toen herinneren en dat plaatje van Orchid wilde ik bij dit stukje zetten. Tsja, dan moet je de foto’s wel met de juiste naam opslaan.

Al zoekende kwam ik wel andere dingen van onze lieve meid tegen: ze heeft twee keer opgesloten gezeten. Dat is echt uniek. Voor zover ik weet is dat de brave Shabanou ook een keer overkomen. Ik vond via Google ergens in deze website dat Orchid tijdens een klus in de badkamer onder het bad had gezeten. Huibert moest daar een plank voor losschroeven. Hij had er juist alles aan gedaan om te voorkomen dat een van de toen rondscharrelende kittens dit niet zou overkomen. Een andere keer, toen was ze al op leeftijd, was ze in een onbewaakt ogenblik via een luik de kruipruimte onder onze woning ingegaan. Wat zag ze eruit toen ze weer tevoorschijn kwam: allemaal vieze zwarte spinnenweb in haar snorharen. Het bewust plaatje heb ik gevonden! Op Orchids pagina op mijn oude website. Met mijn eeuwige dank aan Willem die ooit mijn eerste website voor mij op een DVD’tje heeft gezet.
Ongewenste huisdieren…

Die hebben of hadden we ook. Af en toe trof ik de lieve LeeLoo als in trance aan naast de kattenbakken in de cv-kast. Met het schoonmaken was me wel opgevallen dat daar soms muizenkeuteltjes lagen. Ach, leven en laten leven. Zolang onze katten een gevangen muis niet als speelgoed behandelen en de muizen niet aan ons eten zaten, zag ik geen noodzaak om in te grijpen. Ooit was er eentje die ‘s avonds kwam snacken in de voorraadkast. Dat was vies. Huibert had een kiertje geblokkeerd en – zo schattig – ‘s avonds hoorde dan eventjes wat krasgeluidjes van het muisje dat zijn snackmomentje miste. Na een paar pogingen is hij vast verhuisd. Daarna kwamen er muisjes die ons kattenbakgrit leken te waarderen. We gebruiken tegenwoordig geen grit meer op basis van klei of silica maar alleen dat wat van maisafval uit de veevoederindustrie gemaakt wordt. Als muizen echt honger hebben, lusten ze dit blijkbaar ook. Kapotte verpakkingen veroorzaken troep dus tegenwoordig staat de voorraad in een grote plastic Ikeabak.
We hebben het laatste jaar zeker drie keer een dode muis in de kamer gevonden. Één keer zag ik een hele mooie levende en best grote bij het toilet. Wat schrokken wij van elkaar. Toen ik terugkwam met een bakje om hem te vangen, bleek hij zelf al een uitgang te hebben gevonden. Nadat we boven ook muizenkeuteltjes aantroffen, vonden we dat we er wat aan moesten doen. Huibert had zelfs al klemmetjes gekocht. Die zijn niet trefzeker. Ik wil per se voorkomen dat het diertje een lijdensweg moet doorstaan. Die komen hier dus niet in gebruik. Maar wat dan wel. Gif en lijmplanken zijn niet voor niets verboden. Veel te wreed. Ik heb zelfs bij een van onze dierenspeciaalzaken waar ik die plankjes zag, gevraagd of die niet uit de collectie kunnen.

Al zoekende kwam ik bij Ongediertewinkel.nl. Ook daar kan je gewoon de verboden dingen zoals gif en lijmplanken bestellen. Als dit zo makkelijk gaat, is het niet onmogelijk dat een buurtbewoner (ik hoor af en toe best wel dat vooral mensen zonder katten veel overlast hebben) ooit dat gif gaat gebruiken en dat een stervende muis hier binnenkomt en dan door een van onze katten zou kunnen worden opgegeten. Dus daarom zijn wij nu dus om en worden de muizen actief bestreden. Met hoog-frequentiegeluid. Ik was erg bezorgd over het effect op onze katten en ook voor mezelf want ik mijn gehoor is te goed. Hoge tonen zijn pijnlijk en laag-frequentiegeluid zelfs onleefbaar.
Binnen een dag werd het stekkertje bezorgd. Het kan overal in het stopcontact en tot op heden hebben we geen verdachte geluidjes of gedrag van de katten meer gesignaleerd. Het ultieme bewijs is natuurlijk het niet meer kunnen vinden van de keuteltjes. Waar ik niet helemaal gerust op ben is het mogelijke effect op andere dieren zoals bepaalde soorten insecten. Spinnen zijn nuttige diertjes en vleermuizen hebben ook rechten. Van de laatste weet ik niet of ze bij ons inwonen. Vast niet, dan hadden we ze wel eens tijdens de schemering van en naar hun plekje zien gaan.
Wordt vervolgd.
