In de vorige blog dacht ik slim te zijn door niet de stukken tekst van een artikeltje over te typen maar door het in schermafdrukken bij de foto’s te plaatsen. Toen ik ook nog om op te kunnen schieten een aantal items tegelijk wilde plaatsen, liep de hele boel vast. Toen ik dat stuk weer in orde had, bleek het resultaat veel te rommelig. Ouderwets overtypen is ouderwets. Dát hoef je tegenwoordig toch niet meer te doen? Ik wist dat het mogelijk was om met de hedendaagse technieken de tekst in te scannen maar het hoe was me ontschoten. Wederom zette een AI-botje me op het goede spoor en zie daar, het staat er nu veel beter.

Al prutsende kwamen er herinneringen boven aan al het tikwerk dat ik vroeger voor het Raskanblad heb gedaan. Toen ik ook nog een foto kreeg van Puccini die in het verre Noorwegen over haar arm hangend zijn vrouwtje helpt met het computerwerk vond ik dat ik er iets over moest gaan schrijven. Op die manier heb ik vroeger ook heel veel tikwerk gedaan. Nu met een laptop op schoot is het, wanneer er een kat gezellig over je arm ligt, lang zo zwaar niet. The Fonz (1992-2006) was een hele gezellige schootkat en hij heeft wat uren over een arm hangend geholpen met het typen.

Zijn voorganger op dit gebied was onze zwart-witte Gipsy die het liefst in mijn nek lag. De fysiotherapeut had er klus aan.
In de ‘vorige eeuw’ hadden we nog geen scanners, laat staan computers. De meeste kopij werd handgeschreven aangeleverd en de meeste mensen stelden het ook op prijs dat de tekst werd nagekeken en eventueel aangepast. Typefoutjes moesten met typex worden verbeterd dus het maken van een clubblad op die manier kostte uren, dagen, eigenlijk weken… Geen idee met wat voor een typemachine of computer zonder internet ik werkte toen ik een hilarisch verslag over een kattententoonstelling overtypte. Ik had het natuurlijk al gelezen voordat besloten werd dat het in het blad werd opgenomen maar al overtypende rolde ik weer van de ene lachbui in de ander. Nu ik ontdekt heb dat ik lappen tekst kan inscannen, lijkt het me erg leuk om het op te zoeken – wordt een klus om het te vinden – en dan het liefst in een clubblad te plaatsen.
12 oktober
Onze andere huisdieren
We hadden goede hoop dat de muisjes door de verjager met hoog-frequentiegeluid zouden gaan verhuizen. En vooral dat stervende vergiftigde muizen niet bij ons zouden komen en door onze katten gevangen zouden kunnen worden. Ik vond hier en daar nog wel eens een enkel keuteltje maar ik kon mezelf nog voorhouden dat ik die bij de vorige schoonmaak gemist had. Helaas, nu niet meer. ‘Ze’ hebben m’n andere voorraadkast met kattenbakgrit ontdekt en hun buikjes rond gegeten aan het maisafval waar het grit van is gemaakt. Er waren allemaal schattige ronde gaatjes uit de papieren zakken geknaagd met als gevolg dat ik nu strooizakken heb. Het is niet goed afgelopen met ‘ze’ of dat ene muisje. Huibert had een muizenval gekocht. Hoe gruwelijk. Als dat muisje met één klap dood is, maak ik me niet druk maar ik gril bij het idee dat wanneer ik die kastdeur opendoe dan zo’n diertje zou kunnen zien lijden. Huibert heeft er dus een klusje bij: een paar keer per dag die kast controleren. De eerste muis heeft de val niet overleefd. Bodiir en LeeLoo hadden vannacht trouwens ook een klus. Dat deden ze vol overgave: een andere muis vangen. Omdat het muisje zich niet makkelijk door Huibert liet vangen, had hij alle gelegenheid om hun beider vangtechnieken te vergelijken. LeeLoo is van het speels en bijna liefdevol tikken terwijl Bodiir de muis eerst een paar meter laat lopen om er dan met zijn hele – best wel stevige – lijf er bovenop te springen. Toen het Huibert gelukt was om het muisje buiten te zetten, bleek het al danig verdwaasd dat het voor LeeLoo een koud kunstje was om het opnieuw te vangen en binnen te brengen. Daarna bleek het niet meer te redden.
Aardstralen

We hebben ook buitendieren zoals onze straatpoes Chica. Zij is heel graag, eigenlijk dwangmatig, buiten, is broodmager en heeft altijd honger. Nu stond er een bakje met brokjes voor haar bij de overbuurvrouw dus ik gaf haar nu niets anders dan een paar knuffeltjes. De straateksters blijken ook kattenbrokjes te lusten. Chica heeft een liefdevol baasje die er alles aan doet om haar zo goed mogelijk te verzorgen. Afgelopen winter heb ik haar met rijstzetmeel behandeld om haar van haar klitten af te helpen. Een vacht met weggeknipte klitten heeft geen goede isolatie. De rijstzetmeel heeft zijn goede effect weer eens bewezen. De strooibus met dit poeder is inmiddels bijna leeg en ik heb beloofd om weer een nieuwe te bestellen bij Ingrid van Puurkatten. Chica is volgens mij de oudste kat bij ons in de straat. Hun dochter is nu twintig en Chica was er eerder. Keesje van Tineke is iets jonger en dan komt onze Shabanou van dik negentien jaar. De inmiddels verhuisde Neal van de Labradors had zelfs een dame die ook over de twintig was. Dat onze Eesz (grote witte berghond) de leeftijd van zestien had bereikt was indrukwekkend maar meer dan twintig jaar voor een Labrador is echt uitzonderlijk. Dat komt vast door de aardstralen hier. Ik associeerde die altijd in positieve zin maar ik ben er nu achter dat lang niet iedereen dit doet. Ik heb er niet voor gestudeerd maar magnetisme ervaar ik als iets natuurlijks. Wij mensen merken er eigenlijk niets van maar dieren, vooral trekvogels, weten er alles van.
